|
Dominantie bij honden: hoe zit dat nu eigenlijk?
“Dominant” betekent volgens het van Dale woordenboek: “overheersend”.
Nu is het zo dat als we over dominantie bij honden spreken dit tot een negatieve term is verheven. Je hoort niets anders meer. Als een hond blaft, gromt, niet luistert, trekt aan de lijn, etc. dan wordt deze bestempeld als DOMINANT. Maar overheersend is niet per definitie slecht.
Échte grote leiders kunnen ook overheersen, maar dat betekent niet dat zij agressievelingen, oproerkraaiers, stampijmakers of ruziezoekers zijn. Meestal zijn dit mensen die aardig en rustig zijn, die je kunt vertrouwen, die zorgen voor veiligheid en die er voor je zijn tijdens een crisis. Bij onze honden werkt het net zo. Honden gaan voor een leider die er is voor ze en waar ze op kunnen vertrouwen. Een leider heeft veel verantwoordelijkheden, een groot verantwoordelijkheidsgevoel, straalt rust uit en kan goed communiceren.
De dominantietheorie.
In veel opvoedmethoden zit de vastgeroeste overtuiging dat onze honden, die niet luisteren, die als eerste bij de deur gaan staan, die lekker op je bed gaan liggen of die hun eten verdedigen er op uit zouden zijn om met jou het gevecht aan te gaan voor de dominante plaats. Dit zou het enige zijn dat de hond voor ogen heeft! Dus wil je samen kunnen leven met je hond dan zou deze op zijn plaats gezet moeten worden. Als je, je hond op zijn plaats zet en duidelijk maakt dat hij/zij de laagste positie heeft in de groep dan zou je goed moeten zitten!
Deze dominantietheorie is de standaardoplossing voor alle problemen. Deze theorie voelt voor mensen van nature goed aan omdat het mens eigen is om zich machtig te kunnen voelen (in grotere of kleinere mate). Als je een hond kunt “domineren” (lees: de baas spelen, of hem alles kunt laten doen wat jij wilt), dan wordt deze machtsbehoefte vervult en voel je jezelf goed, je hebt het idee alles onder controle te hebben.
Oplossingen van problemen worden gezocht in rituelen zoals:
 |
Je hond moet als laatste eten - de alfa eet eerst. |
 |
Je hond mag nooit op je bed slapen - de alfa heeft de beste plek. |
 |
Stap nooit over je hond heen - de hond moet uit de weg. |
 |
Laat je hond nooit als eerste door een deuropening gaan - de alfa mag eerst. |
 |
Je hond mag geen trekspelletjes winnen - de alfa wint de trofee. |
 |
Je hond is dominant als hij/zij aan de riem trekt - de alfa leidt de roedel. |
 |
Je hond mag geen begin of einde aangeven van een spelletje - de alfa heeft controle. |
 |
Je moet je hond af en toe eens op zijn/haar rug leggen - de alfa is de baas. |
Veel waarnemingen waarop deze oude denkbeelden gebaseerd zijn, werden verricht bij wolven die in gevangenschap leefden: bij groepen die in krappe behuizingen waren gehuisvest, die vaak te maken hadden met voedselschaarste en waarvan de leden door mensen bij elkaar gezet waren.
Het toepassen van bovenstaande ouderwetse gedachten is allang achterhaald en onze honden snappen hier helemaal niets van. Deze regels worden bij Hond & Co dan ook niet toegepast.
Onderzoeken tonen aan dat er geen enkele wetenschappelijke onderbouwing is voor deze manier van omgaan met honden. Alle oude denkbeelden worden onderuitgehaald.
Ray en Lorna Coppinger zeggen in hun boek DOGS: A Startling New Understanding of Canine Origin, Behavior, and Evolution: Ik heb honderden sledehonden en honderden sheepdogs getraind. Dominantie uitoefenen over een van mijn favoriete werkhonden door hem/haar tegen de grond te drukken en te grommen is belachelijk. Honden snappen dit soort gedrag niet omdat de dorpshonden geen pack structuur hadden, het waren semisolitaire dieren. Dergelijk gedrag, door mensen, maakt hen overstuur."
In een interview zeiden ze: "Wij hebben toptrainers zoals Terry Ryan en Ken McCort nooit gedrag ten toon zien stellen naar honden dat iets te maken had met "Ik ben de dominante wolf". Mensen die gedrag van agressieve honden willen aanpassen proberen deze honden niet in een onderdanige positie te dwingen. Stel je eens voor dat je een wilde wolf probeert te domineren. Quick way to get killed."
Een hond kan heel goed allerlei indrukken interpreteren. Ze doen dat overigens elk op hun eigen persoonlijke manier. Een deel van die indrukken komt van de mens af. De vraag bij het trainen van onze hond is dus "hoe ziet deze ons en welke indrukken geven we hem/haar". Als je dat onder de knie hebt, kun je met ze lezen en schrijven. Het is dus erg belangrijk om de taal van onze hond te begrijpen. Hun lichaamstaal vertelt veel over wat er in ze omgaat. Zo kun je leren om hen beter te begrijpen en goed te reageren. De basis van een goede relatie is o.a. vertrouwen, elkaars behoeften respecteren en acceptatie.
De hond wordt de beste vriend van de mens genoemd. Bewust of onbewust doen mensen dingen met hun honden die hun beste vrienden niet al te lang zouden pikken.
Laten we het eens waar maken om onze honden te behandelen als die beste vriend.
|